De hosta, ook wel hartlelie genoemd(vanwege het hartvormige blad), kennen we vooral door haar opvallende groene bladeren met of zonder wit randje, mooi gegroepeerd in een gezellig onderonsje in de tuin.

Hosta, “Funkia” of hartlelie is een geslacht met meer dan 20 soorten winterharde, kruidachtige overblijvende planten uit de aspergefamilie (Asparagaceae). Ze zijn hoofdzakelijk afkomstig uit noordoost Azië, meer bepaald uit China, Korea en Japan. In Japan noemt men ze ‘Giboshi’.

Hosta’s worden vooral gekweekt om hun aantrekkelijke bladeren en mooie hangende bloeiwijzen met trompetvormige bloemen.

Ze zijn uitermate geschikt voor schaduwrijke borders, maar doen het ook zeer goed in een bostuin of aan de waterkant. In veel tuinen doen ze dienst als bodembedekker; als ze eenmaal zijn aangeslagen heb je er jaren lang geen omzien meer naar, mits ze op de juiste plaats staan natuurlijk.

Bij het uitkomen is het blad nog opgerold. Als het voldoende ver boven de grond uitsteekt, rolt het zich sierlijk uit. Dan volgt een periode waarin het blad in volle glorie wordt getoond. Vervolgens krijgen bepaalde soorten ook nog een mooie herfstkleur. Als je beschermende maatregelen hebt getroffen, wordt het blad in deze periode niet aangevreten door slakken en kun je er het hele seizoen van genieten. Naast mooi blad heeft de hosta vaak ook nog een prachtige bloei in een bescheiden kleur. Bij sommige soorten kan de bloemstengel wel anderhalve meter hoog worden. Bij mooi weer worden opvallende zaaddozen gevormd.

Nieuw aangekochte exemplaren kunnen nog geplant worden, tussen oktober en maart. Zet ze op een plaatsje in de halfschaduw. Ze houden van een goed gedraineerde, maar vochthoudende grond die verrijkt is met goed verteerde compost, turfmolm of bladaarde. Breng ook een ruime hoeveelheid compost in het plantgat (dat je tweemaal zo groot gemaakt hebt als de wortelkluit), en laat bij droge gronden eerst wat water insijpelen. Maak voor het planten de wortelkluit los, waarbij je de dode of vernielde wortels verwijdert. Breng na het planten een flinke mulchlaag aan van organische meststoffen, en houd de plaats de eerste dagen na het planten geregeld vochtig.

De bontbladige hosta’s behouden hun kleur beter als ze in de halfschaduw staan. Geel of goudkleurige hosta’s hebben dan weer volop zon nodig, om hun kleur beter tot hun recht te laten komen. Maar denk er aan, hoe meer zon de planten krijgen, hoe meer water je moet geven.

Hosta’s zijn redelijk vrij van ziekten. Ze kunnen echter wel last krijgen van slakken, konijnen en bladluizen.

Slakken kunnen de bladeren aanvreten. Ook konijnen zijn verzot op de jonge hostabladeren. Ze graven soms ook gangen onder je planten en kunnen op die manier een ware plaag vormen voor je hele tuin. Er zijn planten waar konijnen een hekel aan hebben, als je deze aanplant kunt u dus een plaag voorkomen: kattekruid (nepeta), akelei (aquilegia), monnikskap (aconitum), viooltjes (viola) enz…

Bladluizen Aphidoidea voeden zich met de sappen van de hosta, en veroorzaken zuigschade aan de bladeren, knoppen en stengels. Ze scheiden daarbij een kleverige vloeistof af (honingdauw), waardoor zich roetdauwschimmels ontwikkelen, die dan op hun beurt zwarte vlekken doen ontstaan aan de onderkant van de bladeren. Je kan de beestjes bestrijden met een mengeling van water met zeepsop.

Slakken zijn echter de grootste boosdoeners voor deze plant.

hosta

Enkele manieren om de beestjes te voorkomen of te verwijderen zijn :

**Voorkomen is altijd beter.

Je kunt slakken in je tuin voorkomen door vooral planten te plaatsten die ze niet lusten. Wil je toch vraatgevoelige planten in je tuin, zet ze dan naast planten waar de slakken niet van houden. Veel geurende planten, zoals bieslook, houden slakken op een afstand.

Zorg dat je tuin netjes is, zodat de slakken weinig plekken hebben om te schuilen. Vaak is het goed om het probleem al in het voorjaar aan te pakken, als de slakken eitjes leggen, dan heb je er in het najaar minder last van.

**Slakken verplaatsen

De meest voor de hand liggende manier is het verplaatsen van de slakken. Het is zeer effectief om zo van de beestjes af te komen, maar het kost wel wat meer tijd. Je kunt de slakken oppakken om ze op een andere plek in de natuur weer uit te zetten. Het is verstandig om zodra je een slak ziet, deze te verplaatsen. Zo houd je je tuin redelijk vrij van deze plaag. Als je de slakken liever niet met de hand oppakt, dan kun je daarvoor ook een slakkentang gebruiken.

**Afschrikken

Een ander manier van slakken bestrijden is om producten waar slakken niet van houden rondom de vraatgevoelige planten te leggen. Slakken schijnen een hekel te hebben aan koffiedik en fijngemalen eierschalen of schelpen. Ook houden ze niet van droge grondsoorten zoals grind. Dit rondom de planten leggen kan dus helpen de slakken op afstand te houden.

**Koperringen

Een andere manier is het gebruik van koperringen. Slakken hebben een hekel aan koper, omdat dit ze een kleine schok geeft bij aanraking. De ringen kan je rondom je planten plaatsen, waardoor de slak niet meer in de buurt kan komen. Ook zijn er speciale koperbanden die je rondom potten kunt bevestigen.

! Leuk weetje :

Het blad is eetbaar, en de net uitlopende “sigaartjes” schijnen ook heel lekker te zijn! De jonge scheuten zouden in het voorjaar (april) eetbaar zijn, zowel rauw als gestoomd/gestoofd. De bladeren kan je ook in de zomer nog eten, maar dan moet je ze wel even koken. Oogst de scheuten bij voorkeur ‘s ochtends dan zit er nog het meeste vocht in de plant. In Japan worden de scheuten vaak gegeten.

Wil je graag een receptje uitproberen? Volg dan volgende link :

https://voedselboskralingen.wordpress.com/2014/07/24/hosta-scheuten-met-soja-dipsaus/

Bronnen :

http://www.wilfriedrobert.be/SIERTUIN/hosta.html

http://www.tuinieren.nl/plant/host-hosta

Comments are closed.